Vóór 15:00 uur besteld = dezelfde werkdag verstuurd
Eigen productie (EU)
Gratis verzenden vanaf € 250,-
Home Kennisbank Lithiumbatterijen verzenden: welk etiket heb je nodig (UN3480 en UN3481)?
Home / Kennisbank / Lithiumbatterijen verzenden: welk etiket heb je nodig (UN3480 en UN3481)?

Lithiumbatterijen verzenden: welk etiket heb je nodig (UN3480 en UN3481)?

Verstuur je laptops, telefoons, elektrisch gereedschap of losse accu’s, dan verstuur je lithiumbatterijen. En dat zijn volgens de transportregels gevaarlijke goederen van klasse 9. Op de doos komt dan een UN-nummer, een lithiumbatterijmerkteken of een gevaarsetiket, soms alle drie. Het nummer dat webshops het vaakst tegenkomen is UN3481: lithium-ionbatterijen die in een apparaat zitten of […]

Verstuur je laptops, telefoons, elektrisch gereedschap of losse accu’s, dan verstuur je lithiumbatterijen. En dat zijn volgens de transportregels gevaarlijke goederen van klasse 9. Op de doos komt dan een UN-nummer, een lithiumbatterijmerkteken of een gevaarsetiket, soms alle drie. Het nummer dat webshops het vaakst tegenkomen is UN3481: lithium-ionbatterijen die in een apparaat zitten of samen met een apparaat zijn verpakt. Losse lithium-ionbatterijen vallen onder UN3480.

Welk etiket, welke verpakking en welke papieren je nodig hebt, hangt af van drie dingen: het type batterij, hoe groot de batterij is en hoe de zending reist. In dit artikel lopen we het hele traject door. Je leest hoe je het juiste UN-nummer bepaalt, wat het verschil is tussen het klasse 9A-gevaarsetiket en de lithium battery mark, wanneer de vrijstelling voor kleine batterijen geldt, welke verpakking en documenten nodig zijn en wat er verandert over de weg, over zee, door de lucht en per spoor. Het is uitleg, geen juridisch advies: de geldende regelteksten blijven leidend, en een ADR-veiligheidsadviseur is het juiste aanspreekpunt.

Waar het op neerkomt

UN3480 is voor losse lithium-ionbatterijen, UN3481 voor lithium-ionbatterijen in of verpakt met een apparaat. Voor lithium-metaal gelden UN3090 en UN3091.

Kleine cellen en batterijen (lithium-ion tot 20 Wh per cel en 100 Wh per batterij) vallen onder bijzondere bepaling 188 en krijgen het lithiumbatterijmerkteken.

Grotere batterijen zijn volledig ADR-plichtig: gevaarsetiket 9A, voorgeschreven verpakking en een vervoersdocument.

Op het huidige merkteken staat geen telefoonnummer meer. Het is minimaal 100 x 100 mm, of 100 x 70 mm bij een kleine doos.

Door de lucht gelden strengere regels: losse lithium-ionbatterijen (UN3480) mogen niet mee met passagiersvliegtuigen en moeten op maximaal 30% lading worden verzonden.

Lithium-ion of lithium-metaal: het eerste onderscheid

De transportregels maken onderscheid tussen twee soorten lithiumbatterijen. Dat onderscheid bepaalt welk UN-nummer je gebruikt en welke grenzen gelden.

  • Lithium-ionbatterijen zijn oplaadbaar. Het lithium zit alleen in ionvorm in de elektrolyt. Lithium-polymeerbatterijen vallen ook in deze groep. Denk aan de accu’s in telefoons, laptops, tablets, elektrisch gereedschap en e-bikes. De grootte wordt uitgedrukt in wattuur (Wh).
  • Lithium-metaalbatterijen zijn meestal niet oplaadbaar en bevatten metallisch lithium of een lithiumlegering. Je vindt ze in horloges, rekenmachines, camera’s, autosleutels en dataloggers. Hier wordt de grootte uitgedrukt in de hoeveelheid lithium in grammen.

Voor lithium-ionbatterijen draait bijna alles om het wattuur. Lithiumbatterijen die na 31 december 2011 zijn gemaakt, moeten volgens de ADR het wattuur op de buitenkant vermelden. Staat het er toch niet op, dan reken je het uit: nominale spanning in volt maal de capaciteit in ampère-uur. Staat alleen het aantal milliampère-uur vermeld, deel dat dan eerst door 1.000. Een accu van 3,7 V en 4.400 mAh (4,4 Ah) komt zo op ruim 16 Wh. Volgens IATA ligt het merendeel van de lithium-ionbatterijen voor consumenten onder de 100 Wh.

Zo bepaal je de juiste UN-code

Lithiumbatterijen vallen in ADR-klasse 9, de klasse voor diverse gevaarlijke stoffen en voorwerpen. Hoe die klassen in elkaar zitten, lees je in ons artikel over de ADR-klassen en hun etiketten. Binnen klasse 9 kom je met drie vragen bij het juiste UN-nummer.

  1. Welk type batterij is het? Lithium-ion of lithium-polymeer betekent UN3480 of UN3481. Lithium-metaal of lithiumlegering betekent UN3090 of UN3091.
  2. Gaat de batterij los, of hoort hij bij een apparaat? Een losse batterij, reserveaccu of powerbank valt onder UN3480 (of UN3090). Zit de batterij in het apparaat (contained in equipment), zoals in een telefoon of laptop, of ligt hij los in dezelfde verpakking als het apparaat waarvoor hij bedoeld is (packed with equipment), zoals een boormachine met een losse accu in de koffer, dan wordt het UN3481 (of UN3091).
  3. Hoe groot is de batterij? Blijft een lithium-ionbatterij binnen 20 Wh per cel en 100 Wh per batterij, of een lithium-metaalbatterij binnen 1 g lithium per cel en 2 g per batterij, dan kan een vereenvoudigde regeling gelden. Daarboven geldt de volledige regelgeving.

Een paar gevallen vragen extra aandacht. Een powerbank geldt als batterij en niet als apparaat, want hij is bedoeld om een ander apparaat van stroom te voorzien. Hij valt dus onder UN3480, ook als je hem samen met een telefoon verstuurt. Zitten er in één doos batterijen met verschillende UN-nummers, dan vermeld je ze allemaal. En lithiumbatterijen die vast in een container of andere vervoerseenheid zijn ingebouwd om energie te leveren buiten die eenheid, hebben een eigen nummer: UN3536. Voor webshops speelt dat zelden.

Welk UN-nummer heeft jouw zending?

1Wat voor batterij is het?

Lithium-ion

Oplaadbaar

Los of met apparaat?

UN3480Los. Losse accu’s, reserveaccu’s en powerbanks.
UN3481Met apparaat. Accu in het apparaat, of los in dezelfde doos als het apparaat.

Lithium-metaal

Niet oplaadbaar

Los of met apparaat?

UN3090Los. Losse knoopcellen en andere niet-oplaadbare lithiumbatterijen.
UN3091Met apparaat. Bijvoorbeeld een horloge of datalogger met ingebouwde batterij.

2Kijk daarna naar het vermogen: tot 20 Wh per cel en 100 Wh per batterij (lithium-ion) geldt bijzondere bepaling 188 en volstaat het lithiumbatterijmerkteken. Daarboven krijgt de zending het gevaarsetiket 9A.

Natrium-ionbatterijen hebben eigen nummers (UN3551 en UN3552) en vallen buiten dit artikel.

Wil je meer weten over wat een UN-nummer is en hoe je het leesbaar op een doos zet, lees dan waar het UN-nummer moet staan.

De UN 38.3-testsamenvatting: bewijs dat de batterij getest is

Elke lithiumcel en lithiumbatterij die je vervoert, moet getest zijn volgens de UN-handleiding voor testen en criteria, deel III, onderdeel 38.3. Daarin zitten onder meer proeven op schokken, trillingen, temperatuurwisselingen en kortsluiting. Van die tests bestaat een vaste samenvatting: de test summary.

Fabrikanten en latere verkopers van cellen, batterijen en apparaten met batterijen moeten die testsamenvatting beschikbaar stellen. Volgens IATA geldt dat voor cellen en batterijen die na 30 juni 2003 zijn gemaakt, met een uitzondering voor apparaten waarin alleen knoopcellen zitten. Iedereen in de keten mag erom vragen. Je hoeft hem niet bij elke zending mee te sturen. Een papieren exemplaar mag, maar je mag hem ook op een website zetten met een QR-code of link op de batterij, de verpakking of de vervoerspapieren.

Een geldige testsamenvatting bevat volgens IATA onder meer:

  • naam en contactgegevens van de fabrikant van de cel, batterij of het product;
  • naam en contactgegevens van het testlaboratorium;
  • een eigen nummer en de datum van het testrapport;
  • een beschrijving van de cel of batterij, met type, massa, wattuur of lithiumgehalte, uiterlijk en modelnummers;
  • de uitgevoerde tests met het resultaat (geslaagd of niet);
  • de gebruikte editie van de UN-testhandleiding;
  • naam en functie van de verantwoordelijke persoon.

Vraag de testsamenvatting dus op bij je leverancier voordat je een batterijproduct in je assortiment opneemt. Zonder bewijs van een geslaagde test mag een batterij in principe niet regulier worden vervoerd. Voor prototypes en kleine productieseries van maximaal 100 cellen of batterijen bestaat een aparte regeling (bijzondere bepaling 310), maar dat is geen algemene vrijstelling.

Gratis nieuwsbrief

Tips over etiketteren in je mail

Praktische tips, nieuwe producten en aanbiedingen van Etikon Webshop. Je laat alleen je mailadres achter.

Gevaarsetiket 9A of lithiumbatterijmerkteken: twee verschillende etiketten

Bij lithiumbatterijen worden twee etiketten vaak door elkaar gehaald. Ze lijken op elkaar, maar hebben elk een eigen functie.

Het klasse 9A-gevaarsetiket

Het gevaarsetiket volgens model 9A is een ruit, net als de andere ADR-gevaarsetiketten. Bovenin staan zwarte verticale strepen, onderin een groep batterijen waarvan er één beschadigd is en vlam vat, met het cijfer 9 in de onderste hoek. De minimumafmeting is 100 x 100 mm, met een lijn op 5 mm binnen de rand. Is de verpakking te klein, dan mag het etiket naar verhouding kleiner, zolang alles goed zichtbaar blijft. Dit etiket gebruik je voor lithiumbatterijen die volledig onder de regels vallen. Op voertuigen en containers gebruik je voor klasse 9 overigens het gewone model 9 als grootetiket, niet 9A.

Het lithiumbatterijmerkteken (lithium battery mark)

Het lithiumbatterijmerkteken is geen ruit maar een rechthoek of vierkant met een rood gearceerde rand. Het symbool, een groep batterijen waarvan er één beschadigd is en vlam vat, staat in het zwart op een witte of goed contrasterende achtergrond, met daaronder het UN-nummer voorafgegaan door “UN”. Volgens de geldende ADR gelden deze maten:

  • minimaal 100 mm breed en 100 mm hoog;
  • arcering van minimaal 5 mm breed;
  • als de doos te klein is, mag het merkteken terug naar minimaal 100 mm breed en 70 mm hoog.

Zoek je online op “lithium batterij sticker”, dan vind je vaak nog merktekens met een vak voor een telefoonnummer en een maat van 120 x 110 mm. Dat is de oudere versie. Het telefoonnummer is uit de regels verdwenen. De ADR staat toe dat merktekens volgens de regels die tot 31 december 2022 golden, nog tot en met 31 december 2026 gebruikt worden. Heb je nog oude voorraad, plan dan de overstap.

Het gevaarsetiket 9A hoort bij volledig gereguleerde batterijen, het merkteken bij kleine batterijen onder de vrijstelling.

Wanneer gebruik je welk etiket? Bijzondere bepaling 188

De meeste consumentenelektronica bevat kleine batterijen. Daarvoor kent de ADR bijzondere bepaling 188. Voldoet je zending daaraan, dan zijn de overige ADR-voorschriften niet van toepassing: geen gevaarsetiket 9A, geen UN-gekeurde verpakking en geen vervoersdocument, wel het lithiumbatterijmerkteken. De belangrijkste voorwaarden:

  • Lithium-ioncel: maximaal 20 Wh. Lithium-ionbatterij: maximaal 100 Wh, met het wattuur op de buitenkant vermeld.
  • Lithium-metaalcel: maximaal 1 g lithium. Lithium-metaalbatterij: maximaal 2 g lithium in totaal.
  • Elke cel en batterij is getest volgens UN 38.3 en voldoet aan de overige bouwvoorwaarden.
  • Losse cellen en batterijen zitten in een binnenverpakking die ze volledig omsluit, beschermd tegen kortsluiting, in een stevige buitenverpakking.
  • Batterijen in apparaten zijn beschermd tegen beschadiging en kortsluiting, en het apparaat kan niet per ongeluk aangaan.
  • Een doos met losse cellen of batterijen moet een valproef van 1,2 m in elke richting doorstaan zonder schade aan de batterijen.
  • De brutomassa per collo is maximaal 30 kg, tenzij de batterijen in of met een apparaat zijn verpakt.

Er zijn twee uitzonderingen waarbij zelfs het merkteken niet nodig is: dozen met alleen knoopcellen die in een apparaat zitten, en dozen met maximaal vier cellen of twee batterijen ingebouwd in apparaten, zolang de zending uit niet meer dan twee van zulke dozen bestaat. Een enkele telefoon of laptop in een doos hoeft over de weg dus geen merkteken, vijf telefoons in één doos wel. Gaan dozen samen in een omverpakking, dan moet het merkteken zichtbaar blijven of op de buitenkant worden herhaald.

Gaan je batterijen boven deze grenzen uit, zoals bij e-bike-accu’s, dan geldt de volledige ADR. Lithiumbatterijen vallen dan in vervoerscategorie 2. Hoe die categorie doorwerkt, lees je bij de 1000-puntenregeling en vrijstellingen. Het LQ-etiket is voor lithiumbatterijen niet de route. Wanneer je dat wel gebruikt, staat in ons artikel over het LQ-etiket.

Welk etiket over de weg (ADR)

1

Boven de grenzenVolledig ADR: gevaarsetiket 9A, UN-nummer en vervoersdocument.

2

Bijzondere bepaling 188Tot 20 Wh per cel en 100 Wh per batterij: lithiumbatterijmerkteken.

3

Kleine zendingMaximaal vier cellen of twee batterijen ingebouwd, maximaal twee dozen: geen merkteken.

4

KnoopcellenAlleen knoopcellen ingebouwd in apparaten: geen merkteken.

Verpakkingseisen: wanneer heb je een UN-gekeurde verpakking nodig?

Onder bijzondere bepaling 188 volstaat een stevige buitenverpakking. Een UN-gekeurde doos is dan niet nodig.

Voor volledig gereguleerde lithiumbatterijen geldt in de ADR verpakkingsinstructie P903. Die maakt onderscheid naar de manier waarop de batterij reist:

  • Losse cellen en batterijen: in UN-gekeurde vaten, kisten of jerrycans die voldoen aan de beproevingseisen voor verpakkingsgroep II. De batterijen moeten zo zijn verpakt dat ze niet beschadigen door bewegen in de verpakking.
  • Batterijen verpakt met een apparaat: de batterijen gaan in zo’n gekeurde verpakking of in een verpakking die ze volledig omsluit, samen met het apparaat in een buitenverpakking. Het apparaat moet vastzitten.
  • Batterijen in een apparaat: een stevige buitenverpakking van geschikt materiaal is genoeg, een UN-keur is niet nodig. De verpakking moet voorkomen dat het apparaat onderweg aangaat. Grote apparaten mogen onverpakt of op een pallet, als het apparaat de batterij zelf goed beschermt.

In alle gevallen moeten de cellen en batterijen beschermd zijn tegen kortsluiting. Denk aan afgeplakte polen en een eigen vak of zakje per batterij.

Voor bijzondere stromen gelden andere instructies. Batterijen voor afvoer of recycling mogen volgens bijzondere bepaling 377 in verpakkingsinstructie P909. Prototypes en kleine productieseries volgen P910. Beschadigde of defecte batterijen vallen onder bijzondere bepaling 376 en verpakkingsinstructie P908. Neigen ze onder normale vervoersomstandigheden tot snelle ontleding, brand of gevaarlijke warmteontwikkeling, dan geldt P911. Zulke dozen krijgen een opschrift dat het om beschadigde of defecte batterijen gaat. Laat zulke zendingen altijd beoordelen door een veiligheidsadviseur.

Let op

Beschadigde lithiumbatterijen, en batterijen die om veiligheidsredenen defect of teruggeroepen zijn, mogen niet door de lucht. Dat geldt ook als ze in een telefoon of laptop zitten. Verwerk je retouren met mogelijk beschadigde accu’s, overleg dan eerst met je vervoerder of een ADR-veiligheidsadviseur.

Documentatie: wanneer heb je een vervoersdocument nodig?

Valt je zending onder bijzondere bepaling 188, dan is over de weg geen vervoersdocument voor gevaarlijke goederen nodig.

Voor volledig gereguleerde zendingen is een vervoersdocument wel verplicht. Dat mag een vrachtbrief of pakbon zijn, zolang de verplichte gegevens erop staan:

  • het UN-nummer met de letters “UN” ervoor;
  • de officiële vervoersnaam die in de ADR bij het UN-nummer hoort;
  • het etiketmodel, voor lithiumbatterijen een 9;
  • het aantal en de omschrijving van de colli en de totale hoeveelheid per UN-nummer;
  • naam en adres van afzender en ontvanger;
  • de tunnelbeperkingscode, voor lithiumbatterijen (E).

Gebruik je de vrijstelling uit de 1000-puntenregeling, dan vermeld je per vervoerscategorie ook de totale hoeveelheid en het berekende puntental. Bij beschadigde of defecte batterijen hoort op het document een vermelding dat het vervoer volgens bijzondere bepaling 376 plaatsvindt. Maakt de zending deel uit van een keten met zee- of luchtvervoer, dan mag je ook het vervoersdocument volgens de IMDG-code of de ICAO-regels gebruiken, als de extra ADR-gegevens erop staan.

Door de lucht ligt het anders. Volledig gereguleerde zendingen (Section I, IA en IB) gaan met een Shipper’s Declaration for Dangerous Goods, die de afzender ondertekent. Batterijen onder Section II staan niet op die verklaring. Draagt een Section II-collo het merkteken en reist de zending op een luchtvrachtbrief, dan komt daarop een compliance statement, bijvoorbeeld dat de lithium-ionbatterijen voldoen aan Section II van PI 967.

De regels per vervoerswijze

Elke vervoerswijze heeft een eigen regelset met eigen accenten. Reist je zending over meerdere vervoerswijzen, dan moet hij aan elk deel van de route voldoen.

Weg (ADR)

Voor wegvervoer in Europa geldt de ADR. Wat hierboven staat over bijzondere bepaling 188, P903 en het vervoersdocument komt uit de ADR. Een doos die volgens de luchtvaartregels onder Section IB is verpakt en gemarkeerd, met merkteken en gevaarsetiket 9A, geldt binnen de ADR ook als in orde onder bijzondere bepaling 188. Dat is handig bij gecombineerd weg- en luchtvervoer.

Zee (IMDG)

Voor zeevervoer geldt de IMDG-code van de Internationale Maritieme Organisatie. Sinds 1 januari 2026 is Amendment 42-24 verplicht. De IMDG-code kent dezelfde UN-nummers en ook een bijzondere bepaling 188 voor kleine cellen en batterijen, met dezelfde grenzen in wattuur en gram lithium. Het merkteken staat in de IMDG-code in paragraaf 5.2.1.10. Gaan gevaarlijke goederen na het wegvervoer in een container de zee op, dan moet degene die de container belaadt de rederij een containerbeladingscertificaat geven.

Lucht (IATA DGR)

Door de lucht gelden de ICAO Technical Instructions en de IATA Dangerous Goods Regulations. Die zijn strenger dan de ADR en werken met verpakkingsinstructies per situatie: PI 965 voor losse lithium-ionbatterijen (UN3480), PI 966 voor batterijen verpakt met apparatuur en PI 967 voor batterijen in apparatuur (beide UN3481). Binnen elke instructie bepaalt de grootte of je onder Section I (volledig gereguleerd) of Section II (vereenvoudigd) valt. De belangrijkste regels:

  • Geen losse batterijen in passagiersvliegtuigen. Zendingen onder UN3480 en UN3090 mogen niet als vracht mee in een passagiersvliegtuig en krijgen het etiket Cargo Aircraft Only.
  • State of charge van maximaal 30% voor UN3480. Losse lithium-ionbatterijen moeten op een laadtoestand van maximaal 30% van de nominale capaciteit worden verzonden. Hoger mag alleen met goedkeuring van de betrokken autoriteiten.
  • Ook voor batterijen bij apparaten. In de huidige IATA-regels geldt de grens van 30% ook voor lithium-ionbatterijen die los bij een apparaat zijn verpakt (PI 966): onder Section I altijd, onder Section II voor batterijen boven 2,7 Wh. Voor batterijen in het apparaat (PI 967) is maximaal 30%, of een weergegeven batterijlading van maximaal 25%, een sterke aanbeveling maar geen plicht.
  • Maximale hoeveelheid per collo. Onder PI 966 en PI 967 mag in een passagiersvliegtuig maximaal 5 kg aan batterijen per collo. Onder Section I is dat in een vrachtvliegtuig maximaal 35 kg, onder Section II blijft het 5 kg. Voor kleine losse batterijen onder PI 965 Section IB geldt maximaal 10 kg per collo, alleen in vrachtvliegtuigen.
  • Merkteken en gevaarsetiket samen. Bij losse kleine batterijen onder Section IB komen het lithiumbatterijmerkteken, het klasse 9-gevaarsetiket voor lithiumbatterijen en het etiket Cargo Aircraft Only allemaal op de doos. Over de weg is dat juist een keuze tussen het een of het ander.
  • Opleiding. Wie zendingen onder Section IB klaarmaakt, heeft een opleiding gevaarlijke goederen nodig. Voor Section II volstaat een passende instructie van het personeel.

IATA geeft daarnaast aan dat het UN-nummer op het merkteken minimaal 12 mm hoog hoort te zijn. Controleer daarnaast altijd de voorwaarden van de luchtvaartmaatschappij of expediteur.

Spoor (RID)

Voor spoorvervoer geldt de RID. Die is voor lithiumbatterijen grotendeels gelijk aan de ADR, met dezelfde UN-nummers, dezelfde bijzondere bepaling 188, hetzelfde merkteken en dezelfde verpakkingsinstructies.

Praktijkvoorbeeld: een webshop met laptops en e-bike-accu’s

Stel, je webshop verkoopt laptops en losse vervangingsaccu’s voor e-bikes.

De laptops. Een laptop met ingebouwde accu valt onder UN3481, batterij in apparaat. Controleer het wattuur op de accu. Ligt dat onder de 100 Wh, zoals bij de meeste accu’s voor consumenten, dan geldt over de weg bijzondere bepaling 188. Verstuur je één laptop per doos en gaan er per zending maximaal twee dozen weg, dan is geen merkteken nodig. Stuur je vijf laptops in één doos naar een zakelijke klant, dan komt er een lithiumbatterijmerkteken met UN3481 op. Gaat het pakket door de lucht, dan valt het onder PI 967 Section II: maximaal 5 kg aan batterijen per collo, een merkteken zodra er meer dan twee dozen of meer dan twee batterijen per doos zijn, en een compliance statement op de luchtvrachtbrief. Doe je een losse reserveaccu bij de laptop in de doos, dan wordt het UN3481, met apparatuur verpakt, en geldt door de lucht PI 966.

De e-bike-accu’s. Een losse e-bike-accu valt onder UN3480. Reken het wattuur uit: een accu van 36 V en 14 Ah komt op 504 Wh. Dat is ver boven de 100 Wh, dus bijzondere bepaling 188 geldt niet. Over de weg betekent dat de volledige ADR: een UN-gekeurde verpakking volgens P903, het UN-nummer en het gevaarsetiket 9A op de doos, een vervoersdocument en een vervoerder die gevaarlijke goederen aanneemt. Door de lucht valt de accu onder PI 965 Section IA: alleen in vrachtvliegtuigen, maximaal 35 kg per collo, met een laadtoestand van maximaal 30% en een Shipper’s Declaration. Voor complete e-bikes gelden andere vermeldingen, laat dat beoordelen door je veiligheidsadviseur.

Leg daarom per product het UN-nummer, het wattuur en de verzendwijze vast in je productdata.

Wat accepteren pakketvervoerders?

De wettelijke regels zijn de ondergrens. Pakketvervoerders stellen vaak strengere eigen voorwaarden. Sommige nemen in hun standaarddienst alleen batterijen in of bij een apparaat mee, andere vragen een aparte overeenkomst voor gevaarlijke goederen of weigeren losse batterijen. Controleer daarom altijd de actuele voorwaarden van je vervoerder. In ons artikel over labels voor UPS, DPD, GLS en FedEx lees je meer over de verzendlabels die deze vervoerders gebruiken. Zorg dat het verzendlabel het merkteken of gevaarsetiket niet afdekt.

Praktische tips voor het etiketteren van batterijzendingen

  • Bepaal per artikel het UN-nummer en de Wh-waarde en zorg dat je de testsamenvatting van de leverancier hebt.
  • Gebruik het actuele merkteken. Dus zonder telefoonvak en minimaal 100 x 100 mm, tenzij de doos echt te klein is.
  • Plak het etiket op een vlakke zijde, niet over een naad en niet onder tape. Haal bij hergebruikte dozen oude etiketten weg.
  • Kies het materiaal op de omstandigheden. Voor korte, droge transporten volstaat papier. Bij vocht of ruwe handling blijft kunststof langer leesbaar, zie de invloed van omgevingsfactoren.

Voor volledig gereguleerde zendingen heeft Etikon Webshop het ADR 9 Lithium Battery-etiket op rol: het ruitvormige gevaarsetiket voor lithiumbatterijen van 100 x 100 mm, op papier met permanente lijm, 1.000 stuks per rol op een kern van 40 mm. Een compleet overzicht van alle gevaarsetiketten en markeringen vind je in onze gids over gevaarsetiketten.

Veelgestelde vragen

Hieronder vind je antwoord op de meest gestelde vragen.

Wat is het verschil tussen UN3480 en UN3481?

UN3480 is voor lithium-ionbatterijen die je los verstuurt, zoals reserveaccu’s en powerbanks. UN3481 is voor lithium-ionbatterijen die in een apparaat zitten of samen met een apparaat in één verpakking zijn gedaan. Door de lucht is UN3480 strenger geregeld: niet in passagiersvliegtuigen en met maximaal 30% lading.

Moet er nog een telefoonnummer op de lithium battery mark?

Nee. Het huidige lithiumbatterijmerkteken heeft geen telefoonvak meer. Het oude model mag volgens de ADR nog tot en met 31 december 2026 gebruikt worden, daarna alleen het nieuwe.

Hoe groot moet een lithium batterij sticker zijn?

Het lithiumbatterijmerkteken is minimaal 100 mm breed en 100 mm hoog, met een rood gearceerde rand van minimaal 5 mm. Als de verpakking te klein is, mag het merkteken terug naar 100 mm breed en 70 mm hoog. Het gevaarsetiket 9A is minimaal 100 x 100 mm, tenzij de verpakking kleiner is.

Heb ik een lithiumsticker nodig als ik één telefoon of laptop verstuur?

Over de weg meestal niet. Dozen met maximaal vier ingebouwde cellen of twee ingebouwde batterijen hoeven geen merkteken, zolang de zending uit maximaal twee van zulke dozen bestaat. Meer apparaten in één doos vraagt wel om het merkteken met UN3481.

Moet ik de UN 38.3-testsamenvatting met elke zending meesturen?

Nee. Fabrikanten en verkopers moeten de testsamenvatting beschikbaar stellen, maar hij hoeft niet bij elke zending mee. Een link of QR-code op de batterij, de verpakking of de vervoerspapieren mag ook. Zorg wel dat je hem kunt laten zien als een vervoerder of toezichthouder erom vraagt.

Conclusie

UN3480 is voor losse lithium-ionbatterijen, UN3481 voor lithium-ion in of met een apparaat, en UN3090 en UN3091 zijn de varianten voor lithium-metaal. Kleine batterijen tot 20 Wh per cel en 100 Wh per batterij vallen over de weg onder bijzondere bepaling 188: een stevige doos en het lithiumbatterijmerkteken van minimaal 100 x 100 mm, zonder telefoonnummer, zonder vervoersdocument. Grotere batterijen krijgen het gevaarsetiket 9A, een UN-gekeurde verpakking volgens P903 als ze los gaan, en een vervoersdocument. Door de lucht zijn de regels strenger, met onder meer maximaal 30% lading voor UN3480.

Twijfel je welk etiket of materiaal bij jouw verzendproces past? Met ruim 30 jaar ervaring denken we graag met je mee. Stuur je vraag direct via het formulier hieronder.

Vertel wat je nodig hebt

Vul het formulier in en je hebt binnen 24 uur een vrijblijvende offerte. Weet je de specificaties nog niet precies? Dan denken we met je mee. Korte lijnen, dus je hoort snel van ons.

← Terug naar kennisbank

Meer weten of verder verdiepen?

Weet je niet zeker welk etiket, materiaal of formaat past bij jouw toepassing? We denken graag met je mee. Met ruim 30 jaar ervaring en korte lijnen kom je snel tot een oplossing die werkt, van standaard tot maatwerk.

Neem contact op